Persservice van WINGAS.

Altijd op de hoogte

06.11.2017

Flexibiliteit is troef

Kassel. Bram Claeys, algemeen directeur van de Organisatie voor Duurzame Energie Vlaanderen (ODE), is er vast van overtuigd dat het Belgische energiesysteem “op termijn” volledig op hernieuwbare energie zal draaien. Tot die tijd zal aardgas echter een belangrijke bijdrage leveren aan de energievoorziening van het land. WINGAS sprak met hem over de toekomst van het Belgische energiesysteem en de rol van aardgas in de energiemix.

Meneer Claeys, als u een beeld van het energiesysteem in Vlaanderen in 2050 zou moeten schetsen, hoe zou dat er dan uitzien?

Op weg naar 2050 is 2025, het jaar van de geplande kernuitstap, van cruciaal belang voor ons energiesysteem in de transitie naar 100 procent hernieuwbare energie in 2050. In 2025 zijn we daar uiteraard nog niet. Hoewel wind en zon en groene warmte de wind in de zeilen hebben, zijn we in 2025 nog niet voldoende gevorderd met de bouw van een hernieuwbaar energieproductiepark ter vervanging van de kerncentrales. Dus is het belangrijker dan ooit dat de energievraag van de industrie en de gebouwen beter wordt gestuurd, er betere verbindingen met het buitenland komen zodat we meer stroom kunnen uitwisselen en we de flexibiliteit van aardgascentrales tijdelijk kunnen blijven inzetten. Het energiesysteem van de toekomst is in de visie van ODE een volledig duurzaam energiesysteem, gebaseerd op 100 procent hernieuwbare energie. Tussen nu en 2050 wordt die voortdurend goedkoper, waardoor er een automatische marktverschuiving plaatsvindt.

Welke rol zal aardgas spelen in de Belgische energiemix van de toekomst?

In de energietransitie is flexibiliteit meer dan noodzakelijk om pieken in de vraag en productie goed te kunnen opvangen. Aardgascentrales zijn hiervoor uitstekend geschikt. Het is de fossiele brandstof die het langst in beeld zal blijven, naar onze verwachting tot 2030/2040 als energiebron voor de productie van elektriciteit. Tot ergens tussen 2040 en 2050 voor de verwarming van gebouwen. Momenteel is een kwart van het aardgasverbruik nog toe te schrijven aan industriële klanten. Er is nog heel veel innovatie nodig voordat zij kunnen overstappen naar een andere grondstof. Hier durf ik dan ook nog geen termijn op te plakken.

Welke belangrijke trends gaan we zien?

ODE gaat uit van een trend naar meer kleinschalige hernieuwbare energieproductie, zoals deze nu is ingezet met zonnepanelen en warmtepompen. Waar we vandaag de dag vooral grote, logge energiecentrales hebben, gaan we toe naar een mix van grote en kleinschalige energieproductie. Individuen zullen zich gaan organiseren in coöperatieven en ook aggregatoren, bedrijven die zich specialiseren in het bijeenbrengen van mensen, zullen actief worden op de markt. Dat zorgt ervoor dat vraag en aanbod in het energiesysteem van de toekomst veel meer flexibel en variabel op elkaar zullen zijn afgestemd. Burgers kunnen daardoor actief mee doen op de energiemarkt en dat is een lovenswaardige ontwikkeling.

Welke rol speelt de overheid hierin?

De ontwikkeling van een top-down energiesysteem naar een mix van groot en klein gaat niet vanzelf. Een stuk overheidssturing zal nodig zijn. Ook met het oog op de klimaatverandering zullen we onze CO2-uitstoot in rap tempo naar beneden moeten krijgen. Dat gebeurt niet snel genoeg als we dat gewoon aan de markt overlaten. Ik verwacht veel van een stuk normering en de invoer van een CO2-tax.

Uw contact

Königstor 20
34117 Kassel
Phone: +49 (0) 561 99858-0 
E-mail: presse[at]wingas.de

Uw contact

Königstor 20
34117 Kassel
Phone: +49 (0) 561 99858-0 
E-mail: presse[at]wingas.de